Marokko 2009


Vorige Start Omhoog Volgende

 

Marokko in februari…. Het werd een speciale reis naar dit Afrikaanse land. Mijn, (nu bijna vaste), reisgezel Peter had net voor altijd afscheid genomen van zijn moeder en ik moest vertrekken met de wetenschap om bij mijn terugkomst een belangrijk examen te moeten passeren. Daarnaast waren de berichten uit Marokko ook niet erg bemoedigend; dagelijks hoorden we over een nooit geziene regenval waarbij er grondverschuivingen plaatsvonden die ganse huizen lieten neerstorten en zelfs dodelijke slachtoffers maakten…. Met gemengde gevoelens maar tegelijkertijd ook met een zucht en verlangen naar avontuur vertrokken we vanuit Diksmuide richting Afrika. 

 

 

DAG 1:  Vrijdag 6 februari 2009 - Heenreis: BRUSSEL - CASABLANCA - AGADIR

In Brussel verliep de incheck met het zware fotomateriaal zonder problemen. Meestal is dit bij een lijnvlucht naar het zuiden stukken makkelijker dan vluchten naar het noorden en ook nu was dit ook weer het geval. Ook de tussenstop in Casablanca verliep vlot en na onze landing in Agadir konden we een half uurtje later al de bagage in onze huurwagen laden. Het Ibishotel was voor mij nog precies wat het 4 jaar geleden was en bracht, vooral wat de menukaart betreft, geen verrassing. We besloten dus voor onze eerste Marokkaanse maaltijd een lokaal straattentje op te zoeken en tussen de jonge vriendelijke Marokkanen aten we er verrukkelijk en – uiteraard – supergoedkoop. We zochten daarna nog even de bar van het  hotel op (de enige plaats waar we in dit land alcohol konden proeven) en moe, maar vol verwachtingen voor de komende dag, doken we ons bed in.
 

 

DAG 2 : Zondag 8 februari 2009:  Agadir - Tamri - Agadir

Het werd al vroeg dag en ik lag al een half uurtje naar de Huismussen, Merel en Grauwe Buulbuuls te luisteren toen Peter de kamervenster opentrok. We zagen een erg bewolkte hemel en besloten maar om deze eerste dag richting noord te rijden en de Kaalkopibissen in Tamri te gaan zoeken. Vanuit de binnentuin van het hotel zagen we de eerste kwetterende Boerenzwaluwen en in de palmen foerageerden heel wat Tjiftjaffen. Op de baan langs de kust zagen we een koppeltje Raven vliegen en was er trek van Gierzwaluwen. Overal zagen we Kleine Mantelmeeuwen en werd de eerste Torenvalk gespot. Nog ver voor we Tamri naderden, vlakbij het bij de surfers zeer populaire Taghazout, liet ik Peter even halt houden bij een paar plasjes die vlak bij zee lagen. Tot onze verwondering zagen we naast een paar Kleine Zilverreigers een Heremietibis foerageren. We konden er heel dichtbij komen en onze camera's  werden door de eerste snelsalvo’s uitvoerig getest. Toen een weinig later nog twee andere vogels er kwamen bijzitten en het zonnetje nu en dan flauw doorbrak kon onze eerste dag niet meer stuk. Hier zagen we ook de eerste Roodborsttapuiten en op het strand zaten Kleine Mantelmeeuwen en meer dan honderd Audouins Meeuwen. Een in rotvaart laag overvliegende Havik veroorzaakte heel wat paniek onder de vogels en was voor ons het sein om te verkassen. Onze tweede stop bij Cape Rir bracht onze camera’s andermaal op kruissnelheid. Een zuidelijke Klapekster liet zich makkelijk benaderen en we konden zelfs zijn zang op film zetten. Wat verder zagen we de eerste Diadeemroodstaart. De vreugde hierom was echter van korte duur. In een oogwenk stonden 2 politieagenten bij ons. Bleek dat we in de nabijheid van één of ander paleisje waren en dat maakte ons natuurlijk meteen verdacht… We moesten onze paspoorten afgeven en het duurde wel een half uurtje voor we die terugkregen (ze bleven maar wachten om steekpenningen maar wij waren onwrikbaar!) . Intussen was de stek een beetje verpest en toen wij bij enkele huisjes wilden omkeren kwam een man ons tegemoet. Hij sprak een weinig Frans en wij konden opmaken dat hij ons wel de bergen wilde ingidsen op zoek naar de Barbarijse Patrijs. Met hem reden we dus het binnenland in en verbaasden ons over het prachtige landschap. Hier konden we duidelijk zien hoe de regen van de afgelopen dagen een immense erosie had veroorzaakt. Gelukkig scheen het rond Agadir nog best mee te vallen. We stapten uit om een lange wandeling te maken en stootten meteen twee Kwartels op.  Thekla Leeuwerikken zongen overal en enkele Huiszwaluwen vlogen over. Maar toe begon het te hozen… op het moment dat we het verst van de wagen waren verwijderd. Het viel met bakken uit de hemel en doorweekt kwamen we weer aan de wagen aan. De Patrijzencoup was dus totaal mislukt…. Gelukkig klaarde het meteen op en bij de aankomst aan het huisje van onze gids zagen we twee Zwarte Tapuiten in het zonnetje zitten. Helaas verdwenen ze tijdens een nieuwe regenvlaag weer even rap als ze gekomen waren… zonder foto’s!  We besloten tegen valavond toch maar tot in Tamri te rijden maar zagen aan de monding van het riviertje slechts een paar Witgatjes en enkele honderden Meeuwen. De dag werd weerom besloten in de hotelbar en na een paar Bloody Mary’s zochten we licht aangeschoten onze bedstee op.
 

 

DAG 3 : Zondag 8 februari 2009:  Agadir - Qued Massa - Agadir

Na Peters ochtendkanonschoten drong een stralend zonnetje (en vooral een beetje frisse wind) onze kamer binnen en spoedden we ons na een heerlijk ontbijt richting Qued Massa. Als we nauwelijks de hoofdweg verlaten hebben om richting Massa te rijden stoppen we al om in een vogelrijk tuintje enkele mooie soorten te fotograferen. Een koppel Palmtortels zijn ons net te slim af maar de Diadeemroodstaart en Kleine Zwartkop blijken (alleen voor Rudi) op de cactussen erg fotogeniek. Een Huisgors komt op een oud ruïnetje poseren en de Buulbuuls spelen in de palmen verstoppertje. Een weinig verder laat een Morokaanse Ekster zich gewillig fotograferen en aan de ingang van het reservaat worden we aangeklampt door mannen die zich als gids profileren. Een Steenuil poseert voor ons en aan de oevers van de Qued vinden we (met behulp van onze opdringerige gids) een eerste Zwartkruintjagra, maar de vogel wil niet erg meewerken. Langs de oever zien we enkele Kemphanen en een groepje Lepelaars waar ook één Flamingo bijzit. Waterrallen en Dodaarzen roepen in het riet terwijl andere algemene soorten zoals Meerkoet en Waterhoen maar eigenaardig genoeg ook enkele Drieteenmeeuwen in het rond zwemmen. Enkele Bruine Kiekendieven vliegen langs en aan de overzijde van de rivier horen en zien we een veertigtal Kraanvogels. Gek gezicht om deze noordelijke soort hier in de duinen te zien landen! Er vliegen enkele Wilde Eenden, Zomertalingen en 3 Marmereenden voorbij en er zitten Kuifeenden op het water. Onze would-be gids wijkt niet van onze zijde maar toont ons niets… Hij wil ons naar enkele superstekken brengen maar ook dit lijkt niet best te lukken. Gelukkig zijn er nog genoeg andere zaken dan vogels die mooie plaatjes opleveren en de, van op het land naar huis kerende werksters leveren mooie beelden op. Een wandelingetje langs de oever van de Qued levert nog Wintertaling en Pijlstaart op. Verder stroomopwaards toont hij ons wel enkele nestholletjes van de Vale Oeverzwaluw maar de vogels zelf zijn niet te zien. We horen en zien wél overal Graszangers (oude Waaierstaartrietzangers hé Peter!) en kunnen nog een Zwartkruintjagra en een Palmtortel platen. De Buulbuuls zijn hier een stuk makker dan elders en we besluiten om later op de week hier terug te komen want eigenlijk ziet het er veelbelovend uit…  Na een hoogoplopende discussie over het loon van onze gids worden we toch weer vrienden en nemen we hartelijk afscheid. Wij rijden terug richting Agadir voor ons laatste nachtje in het Ibis hotel met zijn saaie bar met heerlijke Blody Mary’s.
 

 

DAG 4:  Maandag  9 februari 2009.  Agadir – Qued Sous – Goulemine - + 30 km.

Na s’ morgens heel vroeg het hotel verlaten te hebben is het een kwariertje later even zoeken om de juiste afslag naar het de ingang van het reservaat te vinden. Langs de oevers van de Sous kregen we een prachtig zicht tot aan de beroemde riviermonding. Heel wat vogels zochten hier hun voedsel bijeen en de soortenlijst werd aangedikt met allerlei steltlopers als Oeverloper, Tureluur, Groenpootruiter en Zwarte Ruiter. Ook Zilverplevier, Steltkluten en Kleine Plevieren waren alomtegenwoordig. Over de Sous vloog een Slechtvalk. Toen we langs de Paleismuur reden werd hard op de rem getrapt voor voor de prachtwaarneming van…. een koppeltje Barbarijse Patrijzen! Nu komen eveneens heel wat zangvogels op de lijst en een mannetje Marokkaanse Witte Kwikstaart wordt vereeuwigd. Verder zien we Kleine en gewone Zwartkop, zingende Diadeemroodstaarten, Europese kanaries, Groenlingen, Putters, en een Grauwe Vliegenvanger. Een Tortel toonde zich kort. Een Marokkaanse Ekster liet zich goed fotograferen en enkele Blauwe Reigers vlogen voorbij. We raken even ten zuiden van Agadir toevallig in de villawijken en rijden door fantastische duinen met overal palmbomen. Hier heerst rijdom en het schijnt dat vooral Europeanen eigendom zijn van deze, vaak uitzinnige villa's. Het contrast met de Berberdorpen een eindje verderop is dan ook enorm. Niet dat we armoede zien, neen verre van, maar het verschil van de mensen die op het land werken en zij die in de grootstad zaken doen is toch wel zeer confronterend. We zien in de verte Agadir met daarachter de besneeuwde toppen van het Atlasgebergte. Als een weinig later een groep van zo’n 50 Ooievaars op thermiek de hoogte ingaat is dit een adembenemend schouwspel. Maar van kleine vogels – buiten de overal zingende Europese Kanaries - is het hier niet veel soeps. Rond de middag besluiten we (volgens plan) om de Woestijnvogels onder de stad Goulemine te gaan opzoeken. We maken eerst een tussenstop aan de Draa vallei maar die is van korte duur. In geen tijd krijgen we weer van die drukke mannetjes in uniform naast ons die er ons weer eens op wijzen dat het nemen van foto’s gelijk staat me hoogverraad en zware spionagedelicten… Een weinig vraagt een soldaatje ons om sigaretten en de andere om een lift…. We zetten het heerschap af aan een … jawel militair vliegveld en besluiten om maar vlug de eenzaamheid van de woestijn te gaan opzoeken. Wat betreft uniformpjes  hebben we het nu wel gehad… Zo’n 30 km ten zuiden van Gouilemine moeten we zijn. Langs de route vinden we hier een halfwoestijn waar volgens de boeken heel wat woestijnvogels te vinden zijn. En inderdaad, het laatste uur tussen het zand en de steentjes is meteen raak. De Witbandleeuwerik is volop aan het baltsen en zijn spectaculaire zangvlucht en zijn prachtige zang is op zeer korte afstand waar te nemen. Enkele (hier toch zeldzame) Rosse Woestijnleeuwerikken en een Brilgrasmus worden gespot. De omgeving zit werkelijk vol met honderden  - altijd drukke - Kortteenleeuwerikken. De avond valt als een doek over het prachtige landschap en na een heimwee veroorzakende zonsondergang stoppen we ermee. We zien het niet zitten om terug te rijden naar Gouilimine en blijven een Berber vragen om bij hem te overnachten. Hij ziet dat (na lang aandringen) wel zitten en na het spreekwoordelijk “gesmolten ijs” worden we hartelijk en zeer gastvrij ontvangen. De vrouw des huizes maakt ons de eenvoudigste warme maaltijd die ik ooit at (een berg rijst met daarop een blik sardines in tomatensaus) maar de vakkundig geschonken muntthee smaakt verrukkelijk. De horrorfilm op TV kan ons niet boeien en we kruipen vroeg onder de dekens in een van vocht en condens druipende “kamer”.
 

 

DAG 5 : Dinsdag  10 februari 2009.  Goulemine - + 30 km.  – Tan-Tan 

Maar klagen doen we niet! We krijgen ’s ochtens sterke koffie met versgebakken brood die we in olijfolie soppen en slaan een soort pap naar binnen (met een halve pond suiker nét te doen) die ons recht houdt tot vér in de namiddag. We betalen de man - naar zijn normen - een klein fortuin en rijden vlug naar een  nabijgelegen gehuchtje vlakbij een prachtige oase. Peter stoot hier een paar zandhoenders op die bij het zwembad (!) komen drinken. Op de ruines in het “dorp” zien we een Blauwe Rotslijster en enkele Zwarte Roodstaarten. In het nabijgelegen dorre veld kunnen we Woestijnvink en Klapekster fotograferen en vlak buiten het dorp de Woestijnleeuwerik waarnemen. Ook een koppeltje Roodstuittapuiten en een mannetje Kleine Torenvalk laten zich goed zien. Als we de woestijn in gaan zien we meteen Dikbekleeuwerik ruzie maken met een Woestijnvink maar beide vogels verdwijnen veel te vlug uit het zicht. Door de uitzonderlijke regenval van de laatste dagen (weken?) staat de woestijn in bloei en het is een prachtig gezicht om hier en daar bedden bloemetjes in het dorre zand te zien staan. In totaal vinden we 3 fotogenieke Renvogels die zich nogal goed laten regisseren. Om meer vogels te vinden kunnen we niet rekenen op het effect van een drinkplaats want we zien overal we plassen staan. Overal zien we Kortteenleeuwerik en vinden in een eeuwenoude voormalige waterput een nest met 2 eieren van een Rotsduif. De Woestijntapuit wil niet meewerken en lukt alleen om het maken van een foto met als thema “vogel in landschap”.  Hier en daar zien we een fotografeerbare Temminck’s Strandleeuwerik en enkele Witbandleeuwerikken zijn weer aan het zingen. De eerste zijn prachtige vogels waarvan de fel gehoornde mannetjes sterk op duiveltjes lijken. Drie Witbuikzandhoenders en een groepje van 6 Renvogels vliegen over en wat verder vliegt een Hop op, hophop…  We verlaten de woestijn bij valavond om in volslagen duisternis onze weg naar Tan-Tan verder te zetten. De vrachtwagens op de smalle hoofdweg houden er ook bij duisternis een rotvaart op na en ik zou daarom ook niemand aanraden om ons voorbeeld te volgen! We komen echter behouden in Tan-Tan aan en nemen ons intrek in “Hotel Sable D’ Or” wat ons zeer bevalt.
 

 

DAG 6:  Woensdag 11 februari 2009   Tan-Tan - Goulemine - + 30 km
 

Ik wordt gewekt door de zang van Huisgorzen. Als ik de trap naar het platte dak van het Hotel oploop vliegen 3 gorzen de deur van de gang uit! Op het dak ligt een hoop oud brood en samen met Peter liggen we een kwartiertje later zij aan zij, op een Berbers tapijtje,  te wachten om leuke foto’s te nemen van deze makke gors. Een Roodborst komt ook van het brood snoepen en er vliegt zelfs een Palmtortel rond. Tan-Tan blijkt een prachtig stadje te zijn. De rivier welke sterk gezwollen is door de laatste regen, loopt dwars door het centrum en zit vol Koe- en Kleine Zilverreigers. Als we foto’s willen nemen zijn daar meteen weer enkele uniformpjes die er ons op wijzen dat we dus geen foto’s mogen nemen. Het prinselijk paleis is immers vlakbij (in elk stadje heeft de koninklijke familie wel een buitenverblijf) en de muren zouden het door het camerageklik wel eens kunnen begeven… We rijden richting Tan-Tan plage (aan zee) waar we de haven proberen te bereiken. Daarvoor zijn we bij de controlepost weer een kwartiertje onze paspoorten kwijt maar mogen – wonder boven wonder, toch de haven in. Buiten veel Kleine Mantelmeeuwen en een stel leuke jonge hondjes zien we hier erg weinig en besluiten we om de kust niet verder naar het zuiden te volgen maar nog een fotosessie te houden in het woestijngebied op 30 km. van Goulimine. Daar aangekomen zien we redelijk veel Temminck’s Strandleeuwerikken en kunnen zowel deze duiveltjes als een Thekla Leeuwerik erg goed fotograferen. Tegen de avond komen we op een plek met een fantastisch uitzicht en zien daar, heel ver weg, een wilde Dromedaris met een pas geboren jong. De heftige avonturen en indrukken van de laatste dagen maken - samen met een dramatische zonsondergang in deze woestijn - heel wat emoties bij ons los. Als het om moeders en geliefden gaat wenen échte mannen ook wel eens … en als er één plek in de wereld is waar dat mag, dan vinden wij wel dat het hier is! In volslagen duisternis rijden we richting Goulemine waar we ons een hotel zoeken en na een lekkere maaltijd Rudi de plaatselijke barbier opzoekt om zijn weelderige haardos en baard perfect te laten bijknippen voor…. 2 €.

 

DAG 7 Donderdag 12 februari 2009    Goulemine +30 km – Tiznit

Heel vroeg verlaten we de stad om een laatste maal de Woestijnvogels te lijf te gaan. We willen beiden zo graag die wereldfoto’s van Woestijnvinken en Dikbekleeuwerik maar of dit wel lukt? We zijn alvast vandaag blij met een mooie vrij zittende Brilgrasmus. Bij een vervallen boerderijtje stellen we onze huurwagen strategisch op en naast ons komen vervolgens Woestijnvink, Roodstuittapuit, Klapekster en Woestijntapuit hun liedje zingen. Zo’n 40 Zwarte Wouwen maken gebruik van thermiek en komen boven onze hoofden overzeilen. Ze maken het gebrek aan roofvogels een beetje goed… Als we weer de oase aan de andere kant van de weg opzoeken helpen we een gevallen oude man en voeren hem naar huis. Zijn zoon brengt ons later verse thee en wat brood en we verbroederen op de binnenplaats van het lemen huisje. Helaas hebben deze mensen liever niet dat we foto’s nemen wat we uiteraard respecteren. Rond het dorp zien we de soorten van de vorige dagen en tevreden rijden we ’s avonds, onder begeleiding van een Zwarte Wouw,  richting Tiznit waar we de nacht zullen doorbrengen.  
 

 

DAG 8. Vrijdag 13 februari 2009   Tiznit – Qued Massa – Agadir Airport.

Deze laatste vogeldag willen we besteden in de omgeving van Qued Massa. Het is in de delta ’s morgens nog erg mistig. We verwonderen ons aan de vele koereigers die zowat op de schoot van de landbouwers komen zitten. Aan het gebouwtje van het reservaat zien we de Klapekster van heel dichtbij en hebben we prachtwaarnemingen van zowel mannetje als vrouwtje Baardgrasmus. Er is heel wat zwaluwentrek nu en zowel Boeren- als Huiszwaluw en  Vale Gierzwaluw komen voorbij. De plaats van de Zwartkruintjagra vinden we vlug weer en hier is het voor een paar uur een werkelijk fotofestijn. Achtereenvolgens komen  Diadeemroodstaart, Graszanger, Kleine Zwartkop, Grauwe Buulbuul, Roodborsttapuit, Putter  en de Tjagra op zijn mooist op onze sensors terecht. Ik sta perplex en het is nauwelijks te geloven als 2 Vale Oeverzwaluwen zo’n paar minuten op 10 meter boven mij hoofd komen mugjes vangen… Dit is de vogel waarvoor ik naar hier kwam ! Moe maar voldaan pakken we in de stoffige duisternis onze bagage bijeen en rijden richting Agadir waar we bij het vliegveld eerst de auto laten wassen (Peter wil en kan hem zo niet inleveren) en vervolgens in een klein nabij gelegen, stinkend industriestadje een hotelletje zoeken.  

 

DAG 9. Zaterdag 14 februari 2009  Terugvlucht  Agadir – Casablanca - Brussel. 

Een helse rit brengt ons net op tijd op het vliegveld waarna we voorspoedig in Brussel aankomen. Sonja staat ons met stralend, maar koud weer op te wachten en een Hoegaarden heeft ondergetekende zelden beter gesmaakt!  Het was prachtig in dit stoffig maar vrijwel alcoholvrij land!

 

22 maart 2009,   © Rudi Debruyne  uitgezonderd foto van Rudi met Kaalkopibissen en Rudi in de woestijn: © Peter Grobben.
 

 
MAROKKO FEBRUARI 2009 - MENSEN

.

horizontal rule

 

 MAROKKO FEBRUARI 2009 - LANDSCHAPPEN

.

horizontal rule

Oase in de halfwoestijn 30km ten zuiden van Goulemine.

 

horizontal rule